Voor alle vanilleliefhebbers onder ons!

protein-power-balls

De zomer is in zicht dus wij zeggen dé perfecte tijd om te starten met het verkrijgen van die Summer Body! Om het wat makkelijker, maar toch vooral lekker te houden hebben wij een paar verantwoorde proteïne tussendoortjes voor jou bij elkaar gezet om deze zomer door te komen en dat met ons favoriete Vanille Proteïne poeder van Fitshe. Deze recepten zijn ideaal voor na het sporten of als tussendoortje om zo voldoende eiwitten binnen te krijgen. Nóg leuker, Fitshe heeft nu een 1+1 actie op de organic vegan protein pouch!

1. Eiwit Frappucino

Crush met een blender (als je blender dit aan kan!) de ijsblokjes fijn en giet dit in een beslagkom. Voeg het eiwitpoeder, de koffie en de cacaopoeder toe. Giet daarna de helft van de melk erbij en mix goed door op de hoogste stand. Blijf geleidelijk melk toevoegen en blijf een paar minuten mixen. Als het goed is gelukt, ontstaat er een luchtige massa. Wanneer het te slap is voeg nog een schepje protein poeder toe. Wanneer het juist te droog is, kan je een extra melk toevoegen.

eiwit-frapuccino

Wat heb je nodig? 

  • 12 ijsblokjes
  • 1 maatschepje vegan protein vanille
  • 1 kopje afgekoelde koffie
  • 80-100 ml melk of plantaardige melk
  • 1 el cacaopoeder
  • toppings na keuze

2. Protein Power Balls

Deze Power balls zijn heel simpel om te maken, en ook nog eens hartstikke gezond! Een ideale grab-and-go snack. Met een beetje creativiteit en de juiste ingrediënten kan je iets heerlijks maken. Deze power balls zitten bomvol met voedingsstoffen. En omdat ze vol met eiwitten en koolhydraten zitten, zijn ze geweldig om voor of na de training te eten. Maar ook wanneer je trek hebt in een snel tussendoortje.

protein-power-balls

Wat heb je nodig? 

  • 15 dadels zonder pit
  • 2,5 schep vegan protein vanille
  • 180g amandelen
  • 2 el rauwe cacao
  • 60g pindakaas
  • 60g geraspte en ongezoete kokos

3. Banana Oat Cookies

Nothing beats homemade cookies. Snacktime, maar ook op dieet? Oat cookies zijn super verantwoord en heerlijk om te snacken. Met 5 ingrediënten zijn ze supermakkelijk en snel om te maken! 

Verwarm de oven voor 175 graden. Prak de rijpe bananen met een vork plat tot een fijne substantie. Voeg de proteïne poeder en roer dit erdoorheen. Wanneer het te dik is, voeg een beetje melk of water toe. Voeg als laatste de havermout, noten en gedroogd fruit toe en roer dit nog even goed om. Giet alles in een ingevette vorm en bak in 15-20 minuten goudbruin. 

mueslibar koekjes

Wat heb je nodig?

  • 2 rijpe bananen
  • 130gr havermout
  • 1 schep vegan protein vanille
  • 1/4 kopje fijngehakte walnoten
  • 1/4 kopje gedroogd fruit

Naast dat deze recepten vol met eiwitten zitten, zijn ze ook nog eens vegan! De vegan proteïne poeder van FITSHE bevordert het herstel van je spieren na een intensieve work-out! Geen excuses meer, jij loopt deze zomer met een summerproof body het strand op! Welke van deze drie heerlijke recepten ga jij uitproberen?

Stretchen: doe je het wel goed?

op de juiste manier stretchen

Als het op stretchen aankomt, dan heeft het overheersende paradigma ons geleerd om zo ver mogelijk te gaan. En daarna verder. En nog verder. Maar dat concept is eigenlijk verouderd. Recente onderzoeken hebben uitgewezen dat passief, statisch stretchen niet bijzonder effectief is voor het ‘oprekken’ van stijve spieren. Sterker nog, het zou wel eens schade kunnen veroorzaken.

Volgens Malachy McHugh, onderzoeksleider bij het New Yorkse Nicholas Institute of Sports Medicine and Athletic Trauma, is er sprake van een “neuromusculaire remmende respons op statisch stretchen.” De spieren die worden gerekt worden minder responsief en blijven verzwakt tot wel dertig minuten na het stretchen. En dat, zo zei McHugh tegen de New York Times, “is niet hoe een atleet een workout wil beginnen.”

Hypermobiliteit vs echte flexibiliteit

Ten eerste is het zaak om een onderscheid te maken tussen hypermobiliteit en echte flexibiliteit. Echte flexibiliteit wil zeggen dat je spierweefsel soepel, elastisch, gehydrateerd en klaar om te trainen voelt. Bij gevallen van hypermobiliteit voelen de gewrichten doorgaans super los, terwijl de spiergroepen die deze gewrichten ondersteunen juist heel stijf zijn.  

Om een voorbeeld te geven: sommige mensen hebben volop ruimte wanneer ze vooroverbuigen –  ze kunnen met gestrekte benen vrij makkelijk hun tenen aanraken. Tegelijkertijd voelen hun onderrug of sacrale wervels juist stijf of pijnlijk. Dit wijst meestal op een vorm van hypermobiliteit waarbij de gewrichten geforceerd zijn. Dan is er ook nog het spierweefsel tussen de gewrichten. Dat moet niet alleen rekbaar zijn, het moet ook kunnen aanspannen. Als spierweefsel rondom de gewrichten te ver wordt uitgerekt, fungeert het bijna als een uitgelubberd rubberen elastiek – het is dan te lang en te zwak.

Het probleem met overstrekken

Overstrekken kan er niet alleen voor zorgen dat je spierweefsel scheurt, het kan het ook verzwakken. Als je overstrekt tracht je lichaam het spierweefsel te repareren door er meer stabiliserend weefsel omheen te leggen. Het resultaat is dat je de volgende ochtend wakker wordt met nóg stijvere spieren.

En dat is niet het enige. Als je op bepaalde plekken extreem lenig bent, zal je lichaam proberen om een balans te vinden. Dat gebeurt door het creëren van restricties (littekenweefsel) in de buurt van die super flexibele spieren, om het geheel te stabiliseren. Dat door je lichaam geïnitieerde stabilisatieproces is te herkennen aan bijvoorbeeld nekpijn of pijn in de heupen.

Op de juiste manier stretchen, hoe doe je dat?

Om te beginnen moet je ervoor zorgen dat je niet overstrekt. Dat betekent een korter ‘bereik’ om te gewrichten te ontlasten. Als je gewend bent om te overstrekken, dan zal dit in het begin misschien wat beperkend voelen. Maar let eens goed op hoe je lichaam voelt in de dagen nadat je deze techniek hebt geprobeerd. Waarschijnlijk zullen je spieren een stuk minder pijnlijk en stijf zijn.

Ten tweede is het goed om te experimenteren met actief stretchen in plaats van het vasthouden van passieve houdingen. Met andere woorden: in plaats van ‘statisch’ je spieren op te rekken, probeer je de spieren waar je aan werkt te activeren. Dit zorgt er niet alleen voor dat je effectiever stretcht, het heeft ook een ondersteunende werking op het connectieve weefsel (fascia).  

Als je het lastig vindt om dit te visualiseren, denk dan eens aan hoe een kat zich uitrekt. Katten spannen instinctief hun spieren aan terwijl ze deze strekken. Dit wordt ook wel pandiculatie genoemd, en het is eigenlijk hetzelfde als actief rekken. Het verschil is dat jij moet leren om dit op specifieke spiergroepen toe te passen.

Het mooie aan die actieve stretches is dat je ze in reps kunt uitvoeren. Dat creëert warmte en oxygenatie in de spiergroepen die je aanpakt. Je kunt er zelfs een workout van maken!

Conclusie

Jezelf pushen om je spieren zo ver mogelijk op te rekken kan schade veroorzaken. Bovendien kunnen de omliggende spieren juist stijver worden om te compenseren. Als het spierweefsel rond je gewrichten uiteindelijk niet veel meer is dan een uitgelubberd elastiek, dan is lenig zijn niet zo cool als het lijkt. Zorg dus dat je niet overstrekt en probeer zoveel mogelijk actief te stretchen in plaats van statische houdingen aan te nemen.

Dit moet je doen tegen cravings

doen tegen cravings

Je kent het wel; Je zit volop in je nieuwe ritme, duikt regelmatig de sportschool in en houdt je overdag netjes aan je voedingsschema. Het gaat best wel lekker, maar ineens overvalt een gevoel van honger je. Je hebt het idee dat je kunt blijven eten en geen enkel keukenkastje is meer veilig. Je hebt last van cravings.

Wat zijn cravings

Cravings zijn momenten van hunkering of onbeheersbaar verlangen naar iets wat eigenlijk niet ‘mag’ of waar je afhankelijk van bent. Rokers hebben vaak last van craving naar nicotine, maar wanneer je je leefstijl omgooit of een dieet volgt, komen cravings ook vaak voor. De cravings ontstaan vooral door gewoontes. Je lichaam moet als het ware afkicken van een middel of gewoonte en geeft vervolgens enorm veel seintjes dat je dat middel nodig hebt. Het gevolg hiervan is vaak dat je toegeeft en hierdoor een enorme vreetbui krijgt. Achteraf voel je je vaak schuldig, want je hebt toegegeven aan een gewoonte die eigenlijk niet zo goed voor je is.

Dit moet je doen tegen cravings

Het is gelukkig niet zo dat je niets tegen cravings kunt doen, je zult ze niet altijd tegen kunnen houden, maar je kunt er wel mee leren omgaan. Benieuwd wat je kunt doen tegen cravings? Ik deel tips die mij hebben geholpen.

1. Ga iets anders doen

Heb jij vaak cravings wanneer je aan het ‘niksen’ bent of ‘s avonds op de bank zit? Dat is helemaal niet gek. Cravings ontstaan namelijk vaak omdat je je verveelt of uit gewoonte wilt eten. Nu wil ik hiermee natuurlijk niet zeggen dat je je gevoel van honger altijd moet stoppen door iets anders te gaan doen. Wanneer je lichaam echt eten nodig hebt, moet je natuurlijk gewoon eten. Maar als je weet dat je cravings voortkomen uit verveling of gewoonte, probeer dan even iets anders te gaan doen. Ga een stukje lopen, lees een boek, speel een spelletje, zolang je maar even uit de situatie stapt. Je zult zien dat je cravings snel genoeg verdwijnen.

2. Hanteer de 80/20 regel

Wanneer je cravings hebt, ontstaan deze vaak ook doordat je jezelf iets ontzegt. Je mag niet snoepen, geen stukje chocolade en al helemaal geen frietje. In het begin houd je dit misschien nog wel vol, maar na een tijdje snak je naar iets ‘ongezonds’ en ga je dan ineens los. Door de ’80/20 regel’ toe te passen, kun je regelmatig toegeven aan iets ‘ongezonds’ en voorkom je dat je ineens een terugval krijgt en helemaal niet meer gezond eet. Wat deze regel precies inhoudt? Je eet 80 procent van de tijd gezond en 20 procent van de tijd mag je lekker toegeven aan alles wat je lekker vindt. Zo weet je dat je basis altijd goed is en voel je je ook ineens minder schuldig als je dan wel een keer een frietje of chocoladereep eet.

3. Eet voldoende proteïne

Soms heb je van die dagen dat je kunt blijven eten. Het ene is nog niet op en je snakt alweer naar iets anders. Wat je ook eet, je maag blijft maar knorren. Herkenbaar? Dan zou het zomaar kunnen dat je te weinig proteïnes hebt gegeten. Door meer proteïnes te eten, heb je sneller een verzadigd gevoel en zit je langer vol. Neem dus ‘s als tussendoortje eens een eiwitshake of zorg dat je bij je ontbijt al een goede dosis eiwitten eet. Zo ben je al heel goed op weg om je cravings de baas te zijn.

Met deze tips wordt het hopelijk een stuk makkelijker om zonder cravings door het leven te gaan. Vlieg je nu wel een keer uit de bocht? Geen zorgen! Zodra je het de volgende dag maar weer vol goede moed oppakt, is er niets aan de hand. Wat doe jij tegen cravings?

4 manieren om je voortgang te tracken zonder weegschaal

voortgang tracken zonder weegschaal

Veel mensen die willen afvallen, gebruiken een weegschaal om hun voortgang te tracken. Voor sommigen werkt dat prima. Maar voor anderen kan de weegschaal zo ontmoedigend zijn dat ze het opgeven. En soms kan de weegschaal ook ongezond en obsessief gedrag triggeren. Vasthouden aan een streefgewicht kan bovendien erg misleidend zijn. Spieren wegen nu eenmaal zwaarder dan vet, dus als je na een paar weken cardio en krachttraining nog steeds niet bent afgevallen, dan wil dat niet zeggen dat je geen vet kwijt bent; je hebt je vet (of in elk geval een deel ervan) simpelweg omgezet in spieren. Dat zal te zien zijn aan je lichaam, maar die weegschaal ziet dat niet. Die laat alleen maar zien hoeveel je weegt. Niets meer, niets minder. Kortom, wil je minder vet, meer spierdefinitie en je comfortabel voelen in je kleding? Dan gaat die weegschaal je niet helpen. Hieronder 4 manieren om je voortgang te tracken zonder weegschaal!

#1. Foto’s

Toegegeven, het zal misschien ongemakkelijk voelen om foto’s van jezelf te nemen als je niet in vorm bent. Maar er zijn slechts weinig dingen zo motiverend als die oude foto’s vergelijken met nieuwe foto’s. Er is een reden dat er zoveel fitness blogs vol staan met before/after shots!

Als je elke dag in de spiegel kijkt (en laten we eerlijk zijn, dat doen we) dan merk je die subtiele, geleidelijke veranderingen in je lichaam niet. Maar als je terugkijkt naar foto’s van een paar weken of maanden geleden, dan kun je echt zien hoe veel je lichaam is veranderd.

#2. Lichaamsmaten

Scoor een meetlint en meet de verschillende delen van je lichaam op. De omtrek van je bovenbenen, je buik, je billen… zorg dat je de afmetingen noteert in een invuldagboek of fitness journal (inclusief datum!) of gebruik een fitness tracker. Zo kun je over een tijdje meetbare resultaten zien!

#3. Fitheid

Degenen die een weegschaal gebruiken, zijn doorgaans gefocust op het omlaag brengen van getallen. Waarom probeer je niet om getallen omhoog te brengen? Ook hierbij komt een fitness journal of app goed van pas. Je begint met een basislijn. Noteer bijvoorbeeld hoeveel push-ups je kunt doen zonder te stoppen (én met de juiste techniek!) of hoe lang je een plank kunt vasthouden. Of hoe lang je erover doet om vijf kilometer te hardlopen. Na een maand doe je precies hetzelfde. Vergelijk je nieuwe getallen met die van een maand geleden. Zien hoeveel sneller of sterker je bent geworden kan super motiverend zijn!

#4. Kleding

Hoe je kleding zit kan ook een goede indicatie zijn van je voortgang. Merk je dat je een riem nodig hebt terwijl je jeans eerst een beetje krap zaten? Valt dat shirtje wat losser? Heb je minder ‘beha vetjes’? Ook dat zijn signalen van voortgang waarvoor je geen weegschaal nodig hebt.

Hier moet een goede sportoutfit aan voldoen

goede sportoutfit

We hebben vast allemaal weleens op een loopband gestaan en ons ondertussen mateloos geërgerd aan afzakkende of omhoog kruipende sportkleding. Zo irritant! Je bent continu aan het hijssen en trekken en focust je ondertussen totaal niet meer op je workout. Tijd om daar een einde aan te maken. Daarom delen we vandaag alle ins & outs van een goede sportoutfit.

1. De juiste maat

Dit klinkt misschien vanzelfsprekend, maar toch doen we dit nog heel vaak verkeerd. Let echt op de maat waarin je je sportkleding shopt. Pas alles altijd even goed door zodat je zeker weet dat je niet weer met een afzakkende legging in de sportschool staat. We schatten onze maten vaak te groot in, maar een sportlegging mag best een beetje strak zitten. Hetzelfde geldt voor je shirt. Een oversized shirt kan vertrouwd voelen, maar is vaak niet zo lekker om flink in te bewegen. Koop dus echt kleding die goed aansluit bij je lichaam.

2. Squat proof

Dit is een behoorlijk cruciaal deel van het uitkiezen van de juiste sportoutfit. Je wilt tenslotte vermijden dat je in de sportschool staat en iedereen net iets te veel van je booty gains ziet. 😉 Het is overigens heel makkelijk om te testen of je legging ‘squat proof ‘ is. Buk een beetje of buig voorover in je sportlegging en kijk even in de spiegel terwijl je dit doet. Zie je er niets doorheen? Dan ben je helemaal safe!

3. Het juiste materiaal

Ook het materiaal van je sportkleding is behoorlijk belangrijk. Nu denk je waarschijnlijk dat je met sportkleding al snel goed zit, maar toch zijn er een aantal materialen die je beter niet of juist wel kunt dragen in de sportschool. Zo is het bijvoorbeeld niet zo’n goede idee om kleding van puur katoen te dragen, dit houdt namelijk veel vocht vast. Welk materiaal je dan wel moet kiezen? Polyester! Deze stof is sweat-proof en vaak snel opgedroogd. Hierdoor kan je kleding ook beter doorluchten en krijg je het niet te heet.

4. Voldoende steun

Als laatst is het vooral belangrijk dat je sportoutfit ook voldoende steun biedt. Doe je een training waarbij je veel beweegt of in hoge intensiteit traint? Kies dan een sport-bh met maximale ondersteuning. Ook je schoenen zijn heel belangrijk. Ga niet sporten op schoenen waar je normaal op wandelt, maar kies echt voor schoenen die gemaakt zijn om te sporten. Vooral als je veel springt of rent is het belangrijk dat je kiest voor (hardloop)schoenen met een goed voetbed en de juiste vering.

Met deze tips kan niets jou er meer van weerhouden om keihard te knallen in de sportschool. Waar let jij altijd op tijdens het kopen van een goede sportoutfit?

3x snelle en gezonde diner recepten

snelle en gezonde diner recepten

Als er iets is wat we allemaal zouden willen, dan is het wel zo gezond mogelijk koken in zo min mogelijk tijd. Toch lijken gezonde diner recepten vaak lang te duren of een tiental aan ingrediënten te bevatten en roept dat al snel de vraag ‘Wat moeten we vandaag dan weer eten?’ op. Hierdoor kiezen we vaak voor een snelle optie of halen we al snel iets kant en klaars uit de supermarkt. Maar die tijden zijn nu voorbij, wij delen de beste snelle en gezonde diner recepten.

Gevulde aubergine met couscous en feta

Ingrediënten voor 2 personen

  • 2 aubergines
  • 120 gram couscous
  • 2 tomaten
  • 1 ui
  • 1 knoflookteen
  • 50 gram feta
  • 3 el magere yoghurt of kwark
  • 3 takjes verse munt
  • 1 tl Ras al Hanout kruiden (of andere kruiden naar keuze)
  • peper en zout

Bereiding

  1. Verwarm de oven voor op 180 graden.
  2. Was de aubergines, snijd ze doormidden en hol uit. Snijd het vruchtvlees klein.
  3. Snijd de ui, tomaten en knoflook in gewenste grootte.
  4. Bereid ondertussen de couscous volgens aanwijzingen op de verpakking.
  5. Fruit de ui en knoflook, voeg hierna het vruchtvlees van de aubergine, de tomaat, ras el kanoet kruiden en peper en zout naar smaak toe. Roer als laatst de bereide couscous door het geheel en bak kort mee.
  6. Leg de aubergines op een bakplaat en vul deze met het couscousmengsel. Schuif voor 25 minuten in de oven.
  7. Snijd nu de munt klein en verkruimel de feta.
  8. Top de aubergines, wanneer ze klaar zijn, af met de munt, yoghurt en feta.

Ovenschotel met zoete aardappel en witvis

Ingrediënten voor 2 personen

  • 2 grote (zoete) aardappelen
  • 2 witvisfilet
  • 300 gr wortelen
  • 1 paprika
  • 200 gr broccoli
  • 100 gr 30+ geraspte kaas

Bereiding

  1. Verwarm de oven voor op 220 graden.
  2. Snijd en schil de zoete aardappelen.
  3. Snijd de wortel in stukjes en broccoli in roosjes.
  4. Zet een grote pan met water op en kook hier de aardappelen, wortel en broccoli in.
  5. Snijd de visfilet in stukjes.
  6. Doe alle ingrediënten behalve de kaas in een ovenschaal.
  7. Top de visovenschotel af met de geraspte kaas.
  8. Zet de ovenschotel voor 20 minuten in de oven.

De recepten in dit artikel zijn natuurlijk al om te smullen, maar we hebben dé gouden tip voor je als je nog meer recept inspiratie zoekt. Want laten we eerlijk zijn, iedere keer sta je toch weer in de supermarkt met de prangende vraag: ‘Wat eten we vandaag‘. Gelukkig heeft Jumbo daar een oplossing op bedacht. Op hun website delen ze namelijk honderden lekkere recepten in allerlei soorten en maten. Er zit dus altijd wel iets bij wat iedereen lekker vindt. Als je na deze recepten nog meer gezonde inspiratie zoekt, weet je waar je moet zijn.

Romige mangocurry met kip

Ingrediënten

  • 75 gr zilvervlies rijst
  • 100 gr kipfilet in stukjes (of Vega kipstuckjes)
  • 75 gr gele paprika
  • 35 gr ui
  • 30 gr zuivelspread light
  • 1⁄2 mango
  • 1 tl kokosolie
  • peper en zout
  • 1 tl kerriekruiden

Bereiding

Het recept van deze heerlijke mangocurry deelden we al eerder en bekijk je hier.

Met deze heerlijke recepten kun je weer heerlijke, snelle en gezonde diners op tafel toveren. Wij kunnen nu al niet wachten om de keuken in te duiken. Wil je meer van dit soort snelle en gezonde diner recepten maken? Check dan zeker ook ons Easy Healthy Dinner e-book, bomvol makkelijke en fit-girl proof recepten.

Waarom complimenten geven zo belangrijk is

complimenten geven

Het is vandaag complimentendag! De dag om een ander en jezelf eens wat extra te complimenteren, want dat doen we veel te weinig. Het zit in onze aard om het meteen te zeggen als we iets fout doen, maar zodra iets goed gaat is dit eigenlijk heel vanzelfsprekend. Zonde, want hierdoor mis je kansen om trots op jezelf of een ander te zijn.

Hoe je zelfbeeld kan veranderen door complimenten

Wist je dat wij als mens van nature niet zonder waardering kunnen? Dit is dan ook meteen een van de meest genoemde redenen om bijvoorbeeld een baan te verlaten. Want als je geen waardering krijgt, weet je eigenlijk ook niet waarvoor je het doet. Maar hoe graag we ook waardering willen van anderen, des te slechter zijn we in het geven van waardering. Bedenk eens hoe vaak je jezelf of ander veroordeelt als iets slecht gaat, waarschijnlijk wel een aantal keer op een dag, toch? En hoe vaak doe je dat als iets goed gaat? Eigenlijk bijna nooit! Heel zonde, want van complimenten geven krijg je een veel beter zelfbeeld. Dit heeft een aantal redenen.

1. Je ziet ontdekt je eigen kwaliteiten

Uit onderzoek blijkt dat je zelfvertrouwen en zelfontwikkeling meer groeien als je complimentjes krijgt, je ziet hierdoor sneller je kwaliteiten en bent meteen gestimuleerd om meer met deze kwaliteiten te doen. Denk maar eens na, heb jij wel eens iets ontdekt in jezelf toen iemand zei hoe goed jij hier in was? Zelf kwam ik er bijvoorbeeld achter dat ik heel goed kon spiegelen met mensen toen een collega me hier ooit op wees. Iets wat ik zelf nooit had gezien en nu ineens als mijn kwaliteit zie.

2. Je wordt gelukkiger

Door complimentjes te krijgen, word je gelukkiger. Wanneer iemand je complimenteert, moet je hoogstwaarschijnlijk glimlachen en maak je het geluksstofje dopamine aan in je hersenen. Maar ook het geven van complimentjes maakt gelukkiger. De mensen aan wie jij complimentjes geeft zullen zich namelijk meer betrokken en op hun gemak bij je voelen, wat er weer voor zorgt dat jullie een betere band krijgen.

Zo geef je een goed compliment

Een compliment geven klinkt als een makkelijke opgave, maar met alleen ‘wat zie je er leuk uit vandaag’ of ‘wat een leuke schoenen’ kom je er helaas niet. Het is bij het geven van een compliment, of het nu voor jezelf of een ander is, belangrijk dat het compliment echt inhoud heeft. Denk dus niet alleen na welk compliment je geeft, maar ook waarom je het compliment geeft. Zeg dus bijvoorbeeld: ‘Ik vind echt dat je goed werk levert vandaag, want door jou lopen we voor op schema’. Of: ‘Ik vind jou zo’n leuke gesprekspartner, want ik leer hierdoor allemaal nieuwe dingen.’ Dit klinkt misschien lastig, maar hoe vaker je dit doet, des te makkelijker het wordt.

Kortom, door vaker complimenten te geven worden we met z’n allen gelukkiger, krijgen we een beter zelfbeeld en leren we allemaal nieuwe dingen. Aan wie ga jij complimentjes geven op deze complimentendag?